Verhalen

Slenterverhalen. Vanaf 2008 ieder jaar een ander verhaal om mee te slenteren of niet
2008  Dag en Nacht. Hier is het dag of nacht. Daar is het dan nacht of dag. Hier en daar is het dus altijd dag en nacht.
Je weet wel dat het waar is, maar je kunt het niet zien. Tenminste zolang je hier bent, of daar. Om dag en nacht samen te kunnen zien moet je hoger en hoger gaan. Loskomen van deze aarde. Dan zie je dag en nacht in één oogopslag.
2009  De macht van woorden en gedachten. …woorden zijn onzichtbaar maar hoorbaar…voordat het woord gesproken wordt is de gedachte eraan gedacht….gedachten zijn onzichtbaar en onhoorbaar…het woord komt na de gedachte …onzichtbare, onhoorbare macht…ieder moment dat je denkt maak je gebruik van die macht..
2010 Donker en lichtDonker ligt over de aarde, omarmt de rust. Licht straalt over de aarde, verwarmt het doen.
Steeds gaan ze naadloos in elkaar over. Hier langzaam daar snel. In de schemering ontmoeten zij elkaar. De stilte tussen rust en doen. Ook in mij is het donker, het licht en de schemering. Gelijkwaardig en noodzakelijk. Prachtig en liefdevol.
2011 Tussen. Er is altijd tussen, schuifdeuren, wal schip, boven onder, servet tafellaken, slapen waken, bij bloem. Er is tussen met een naam; schemering, boomgrens, lente, herfst, strand, liefde. Er is het onbenoembare tussen; ons, allen, alles.
2012 Begrijp je? Er worden woorden gewisseld. Hij denkt, hij begrijpt het wel. Er worden woorden gewisseld. Hij denkt, ik begrijp het wel. Er worden woorden gewisseld. Hij denkt, begrijpt hij het wel. Er worden woorden gewisseld. Hij denkt, begrijp ik het wel. Er worden woorden gewisseld. Begrijp je? vraagt hij. Er worden woorden gewisseld. Misschien begrijpen ze elkaar.
2013 Een verhaalIk zie een verhaal als een wolk. Zij waait zich in de gedachten van de schrijver. Hij denkt dat hij het verhaal bedacht heeft maar zij weet wel beter, ze was er al. Een verhaal is ijl met vaste verlangens. Ze wil mooi opgeschreven en in een luxe editie uitgegeven worden. Ze wil verteld worden door een mooie stem. Ze wil op toneel, in een film, vertaald en op muziek gezet. Ze wil gehoord, gezien, gewaardeerd en geliefd zijn. Een niet verteld verhaal blijft zweven, wacht af. Ze wacht op de mens die zijn gedachten openstelt voor haar. De mens die denkt dat hij haar bedenkt. De mens die haar verlangens waar zal maken. Ze is in staat lang te wachten omdat ze geniet van zichzelf.  Ik ben zo’n verhaal. Ik ben zo’n mens. Wij allemaal zijn een verhaal. Wij allemaal zijn de mensen. Laten we genieten van ons zelf.
2014 Op koers. vergelijkingen gaan altijd mankHet leven is als een oceaan. Mijn lichaam is een stoomboot en ik ben de kapitein en de hele bemanning. Ik zorg dat de ketels branden, sta aan het roer en houd mijn koers. Andere boten varen om me heen. Sommigen dezelfde koers. Velen een andere. Het water kan rustig zijn, woelig en woest. Ik zorg dat de ketels goed branden, ik sta aan het roer en houd steeds mijn koers. Onder het water schuilt het gevaar. Ik vaar op een ijsberg en dreig te zinken. Gehavend haal ik net de haven. Ik vaar op een rots en mijn boot heeft een gat in de romp. Opnieuw dreig ik te zinken maar de reddingsboot is dichtbij en sleept me naar de haven. In de mist bots ik op een andere boot en onze boten zijn zwaar beschadigd. We worden samen weggesleept en in een dok gerepareerd. Daarna volgen we weer onze koers. Wel honderd keer botste ik op een rots, botste ik op een ijsberg, botste ik op andere boten. Steeds kwam er hulp, was er de haven, de reddingboot of het dok. Dan gebeurt het ergste. De boot kraakt en kapseist, het water stroomt naar binnen.. Er is geen enkele boot in zicht. In blinde paniek spring ik overboord. Ik sta op een zandbank. Ik haal diep adem en kijk om me heen. Het is stil. Er vliegen wat vogels, er liggen prachtige schelpjes. Ik loop in gedachten rond de boot. Ik zie rookpluimen dichterbij komen. Op de zandbank maken we een vuur. De andere boten liggen voor anker. We vertellen aan elkaar waar de rotsen liggen, waar de ijsbergen drijven, waar de zandbanken zijn. We vertellen ook wat we mee hebben gemaakt, wat onze bestemmingen zijn en welke koers we varen. Veel, veel later vaar ik bij hoogwater als door vrienden getrokken weg van de zandbank. Onze stoomfluiten roepen vaarwel. Sommigen gaan op dezelfde koers die ze hadden, sommigen kiezen een andere koers. Ik stook de ketels op, ik kijk naar de rustige rookpluim.. Ik kijk waar de wind vandaan komt. Ik sta aan het roer en kijk op het kompas. Ik bepaal mijn eigen koers. Hier ben ik nu. De VertelTuin onder de toren in Hem.
2015 Overal verhalenOveral waar je kijkt kun je verhalen zien. Een verhaal wat je zelf kunt bedenken, een verhaal wat al bekend is en het kan ook je eigen verhaal zijn.  Ik zie de kracht van die vogel met klauwen, kromme snavel en enorme vleugels, steeds uit het vuur herleven. Ik zie de tekst die ik zelf schreef kijkend naar mijn geschiedenis wat het slenter-verhaal 2014 werd. Ik zie bijzondere bloemen in een boom waardoor ik toen pas wist wat voor boom het was. Ik bleef gefascineerd kijken naar de intense groeikracht van de onder hoog water doorbloeiende lelie. Ik zie, bedenk en geniet van mijn verhalen. Iedereen kan zijn eigen verhalen zien, bedenken en ervan genieten.
2016 Vormeneen cel met andere cellen vormt een lichaam, een zandkorrel met andere zandkorrels, een strand
een druppel met andere druppels een zee, een vlam met andere vlammen een vuur, een kleur met andere kleuren, een regenboog, een vogel met andere vogels een zwerm, een boom met andere bomen een bos, een vis met andere vissen een school, een mens met andere mensen, een mensheid, een planeet met deze vormen is een aarde. Onze aarde.
2017 Een weggetjeHet kindje zit op schoot. Pappa zegt: ‘kijk de maan’. Het kindje is gelukkig. Het kindje loopt in het park. Mamma zegt: ‘kijk een madeliefje’. Het kindje is gelukkig. Het kindje loopt in het donker en zegt: ‘kijk de maan loopt met ons mee’. Pappa zegt: ‘dat is om de weg te verlichten’. Het kindje is gelukkig. De jonge vrouw denkt ‘kijk de maan’ en is gelukkig. De jonge vrouw denkt ‘kijk een madeliefje’ en is gelukkig. De jonge vrouw denkt ‘kijk de maan loopt met me mee’ en is gelukkig. De oudere vrouw denkt, kijk de maan. Ze herinnert zich de koestering van het bij pappa op schoot zitten en is gelukkig. De oudere vrouw denkt, kijk een madeliefje. Ze herinnert zich de krans die mamma aan-dachtig op haar hoofd zette en is gelukkig. De oudere vrouw denkt, de maan loopt mee.Ze herinnert zich de hand die ze vasthield terwijl ze omhoog keek en is gelukkig. Momenten van gekoesterd worden, van aandacht krijgen en het gevoel van veiligheid. Het werd de weg naar De VertelTuin
2018 dit wordt in  2019 geplaatst.
Korte verhalen
2018 Paasverhaal . Donker, wat was het donker. Ik bleef maar zitten want ik kon niet zien waar ik naar toe moest. Hoe was ik hier terechtgekomen? Het was een hele lange val geweest van waar het licht was. Ik had wel vaker in het donker gezeten maar het was nu wel heel erg zwart om me heen. Ik maakt zacht wat geluid maar er gebeurde niets. Hoe lang het duurde weet ik niet meer. Een soort slaperig wakker zijn waardoor ik geen gevoel voor tijd meer had. Na wat voelde als een hele lange tijd hoorde ik geluiden en werd waakzamer. Ik maakte ook een beetje geluid. Zou ik gered worden uit deze duisternis? Ik maakte weer een beetje geluid. Oh wat mooi, ik zag 10 hele kleine puntjes licht. Van blijdschap maakte ik weer geluid. En toen was daar ineens een heel groot licht. Bijna te mooi. Als op vleugels ging ik naar het licht. Intens gelukkig zong ik mijn prachtigste lied.     Ze zaten samen aan de keukentafel te praten over van alles wat ze graag deelden. Het was heerlijk weer en achter de glazen deuren was het zelfs warm terwijl het nog maart was. De koffie was heerlijk. Ineens keken ze op om een geluid wat anders was dan de dagelijks geluiden. Ze wisten meteen wat er was en namen actie. De hond ging naar de bijkeuken. Het schuifje in het deurtje van de tegelkachel werd geopend. Tien kleine openingen om het vuur van zuurstof te voorzien die door de buizen van de kachel in heel veel meters naar het dak weer opgaat in de lucht. De deur naar buiten ging open. Toen openden ze het deurtje Op vleugels ging de merel door de deuropening buiten, naar het licht. Drie gelukkige aardbewoners.
2018 NieuwjaarsverhaalHet meisje kon nog niet zo lang lezen en zat met haar boekje naast de kachel. Ze was dol op lezen. Ze had net een heel hoofdstuk gelezen. Ze huilde en voelde zich gelukkig. Ze genoot van de tranen die op haar wangen vielen. Zoute tranen. Het verhaal was natuurlijk wel verdrietig geweest. Dat het meisje bleef leven maar het jongetje niet was wel zielig. Het was ook wel de aanleiding om te gaan huilen, maar het huilen was zo prettig. Dat een verhaal dat kon doen was nieuw voor haar. Ze groeide en werd moeder. Ze las voor uit een boekje, een verhaal over tranenthee. Het was natuurlijk een kinderverhaal maar die avond maakte ze voor zichzelf met warm water en een beetje zout ‘tranenthee’. Je kon kiezen om verdrietig te zijn? Dan kon je ook kiezen om gelukkig te zijn. Weer vele jaren later waren de tranen overvloedig zonder enig geluksgevoel. Toen, in het verdriet, kwamen de herinneringen van de twee verhalen bij elkaar. Ze zocht nog een keer het hele oude boekje op en het kinderboekje. Ze las de beide verhaaltjes en huilde bij de eerste en herinnerde zich de tranen van heel vroeger. De tranen die ook zo heerlijk waren. De bevestiging zat in het voorgelezen kinderverhaaltje. Ze maakte wat water warm, deed er een beetje zout in dronk het op. Ze koos ervoor om gelukkig te zijn.
(De boekenDe Canneheuveltjes in Indië’ het hoofdstuk ‘Careltjes levenslampje’.Bij uil thuis’ het hoofdstuk ‘ Tranenthee’.)